bAwear Score
Home
Prijzen
Aan de slag
Handleiding

Hoe u de milieuvoetafdruk van een kledingstuk over de volledige levenscyclus berekent

Bijgewerkt september 2026 7 min leestijd
In één oogopslag
5
stappen
9
levenscyclusfasen
Per wasbeurt
of per draagbeurt, cradle-to-grave

Wat "volledige levenscyclus" betekent voor een kledingstuk

De levenscyclus van een kledingstuk heeft zeven fasen. Een cradle-to-gate-beoordeling omvat fase 1 tot en met 5. Een cradle-to-grave-beoordeling omvat alle zeven.

Fase
Wat er gebeurt
Belangrijkste impactfactoren
1. Vezelproductie
Teelt (katoen, wol), winning en polymerisatie (polyester, nylon), pulpbereiding en regeneratie (viscose, lyocell)
Landgebruik, watergebruik, energie, kunstmest
2. Garenvorming
Spinnen, twijnen
Elektriciteit
3. Stofvorming
Weven, breien
Elektriciteit
4. Natte veredeling
Voorbehandeling, verven, bedrukken, afwerken
Water, thermische energie, chemicaliën
5. Confectie
Snijden, naaien, fournituren, verpakking
Elektriciteit, materiaalverlies
6. Distributie en gebruik
Transport, wassen, drogen, strijken gedurende de levensduur van het product
Elektriciteit, water, wasmiddel, aantal wasbeurten
7. Einde levensduur
Inzameling, hergebruik, recycling, verbranding, stort
Afhankelijk van de route

Bij kledingstukken die vaak worden gewassen, kan fase 6 een groot deel van het totaal zijn. Daarom moet bij elk resultaat de systeemgrens worden vermeld: een cradle-to-gate-waarde en een cradle-to-grave-waarde voor hetzelfde kledingstuk zijn niet vergelijkbaar.

De levenscyclus van een textielproduct
Cradle-to-grave
Cradle-to-gate
Fabriekspoort
Vezelproductie
Spinnen
Weven en breien
Verven en afwerken
Confectie
Distributie en retail
Gebruik
Einde levensduur

bAwear Score berekent cradle-to-gate of cradle-to-grave, met resultaten per stap in de toeleveringsketen.

Stap 1: bepaal doel, reikwijdte en functionele eenheid

Voordat er data wordt verzameld, worden drie beslissingen genomen.

  • Doel. Waarom wordt de voetafdruk berekend? Hotspotanalyse, ontwerpvergelijking, input voor Scope 3, DPP-data. Het doel bepaalt hoe nauwkeurig het resultaat moet zijn.
  • Systeemgrens. Cradle-to-gate of cradle-to-grave.
  • Functionele eenheid. De referentie voor het resultaat. Voor textiel is de standaard 1 kg product. Resultaten kunnen ook per producteenheid worden gegeven en, bij cradle-to-grave, per wasbeurt of per draagbeurt. Twee kledingstukken zijn alleen vergelijkbaar met dezelfde functionele eenheid.
Vijf stappen naar een levenscyclusvoetafdruk
01
Doel, reikwijdte, functionele eenheid
Bepaal wat u meet en waarom
02
Inventarisdata per fase
Materialen, energie, water, transport
03
Methode voor impactbeoordeling
ReCiPe 2016 Midpoint (Hierarchist)
04
Interpreteer per fase
Vind de hotspot
05
Vermeld de reikwijdte
Publiceer de systeemgrens bij het resultaat

Stap 2: verzamel de inventarisdata per fase

De inventaris is de lijst van inputs en outputs per fase. De tabel toont het minimum dat een mkb-bedrijf in textiel nodig heeft en waar deze data meestal te vinden is.

Fase
Minimale data
Waar het meestal te vinden is
Indien ontbrekend
Vezel
Vezeltype en aandeel, land van herkomst
Techpack
Textielspecifieke standaardwaarde per vezel
Garen
Garentype, land van spinnen
Leverancier
Standaardwaarde per proces
Stof
Constructie, gewicht per m², land
Techpack, leverancier
Standaardwaarde per proces
Natte veredeling
Verfmethode, kleurdiepte, afwerking, land, energiebron
Leverancier (tier 2)
Worstcase-standaardwaarde per proces
Confectie
Land, materiaalefficiëntie, fournituren, verpakking
Techpack, leverancier (tier 1)
Standaardwaarde per producttype
Gebruik
Verwacht aantal wasbeurten, wastemperatuur, droogmethode
Wasetiket, aanname per productcategorie
Standaardwaarde per productcategorie
Einde levensduur
Route (hergebruik, recycling, verbranding)
Regionaal gemiddelde
Regionale standaardwaarde

Twee regels voor data.

  1. 1Gebruik primaire data waar de impact het grootst is. Voor de meeste kledingstukken is dat de vezelproductie en de natte veredeling.
  2. 2Waar primaire data ontbreekt, gebruikt u een worstcase-standaardwaarde, geen gemiddelde. Een worstcase-standaardwaarde kan het resultaat niet onderschatten. De waarde verbetert zodra echte data wordt toegevoegd.

Stap 3: pas de impactbeoordelingsmethode toe

Inventarisdata (kilowattuur, liters, kilogrammen) wordt met een karakterisatiemethode omgezet in impactcategorieën. De methode moet worden genoemd. ReCiPe 2016 Midpoint (Hierarchist) is een veelgebruikte methode; de EU Environmental Footprint (EF 3.1) is de methode die de PEFCR zal gebruiken. Met de huidige data zijn vier impactcategorieën robuust voor textiel.

Impactcategorie
Eenheid
Vooral bepaald door
Opwarming van de aarde
kg CO₂-eq
Energie in alle fasen, kunstmest in de vezelproductie, wassen in de gebruiksfase
Gebruik van fossiele grondstoffen
MJ
Grondstoffen voor synthetische vezels, thermische energie in de natte veredeling
Watergebruik
L
Katoenteelt, natte veredeling, wassen in de gebruiksfase
Landgebruik
m²
Teelt van natuurlijke vezels

Chemische en humane toxiciteit zijn in deze methoden ook categorieën. Ze zijn afhankelijk van openbaar gemaakte chemische formuleringen en volledige veiligheidsinformatiebladen, die de textielketen zelden levert. Een resultaat op basis van onvolledige chemische data kan er een orde van grootte naast zitten. Een zorgvuldige berekening sluit toxiciteit uit en vermeldt dat.

Stap 4: interpreteer per fase

Het resultaat wordt per fase gelezen, niet als één totaal. De fase met het grootste aandeel is de hotspot. De hotspot bepaalt waar primaire data als eerste wordt opgevraagd en waar een wijziging in ontwerp of inkoop het grootste effect heeft. Een vergelijking tussen twee opties is alleen geldig binnen dezelfde reikwijdte: dezelfde systeemgrens, dezelfde functionele eenheid, dezelfde methode, dezelfde impactcategorieën.

Stap 5: vermeld de reikwijdte bij het resultaat

Een voetafdrukresultaat is compleet wanneer het vermeldt: methode, impactcategorieën, systeemgrens, functionele eenheid, datakwaliteit (welke waarden primair zijn en welke standaard), en of het resultaat indicatief of gereviewd is. Zonder deze gegevens kan het resultaat niet worden gerapporteerd, vergeleken of gebruikt in een Digitaal Productpaspoort.

Dit doen zonder LCA-team

Een platform dat volledig op textiel is gericht, voert stap 1 tot en met 5 uit in de tool. De gebruiker kiest een productscenario dat de zeven fasen al bevat met worstcase-standaardwaarden, overschrijft de bekende waarden, kiest de systeemgrens en functionele eenheid, en leest het resultaat per fase. Tijd: minuten per kledingstuk. De kennis die de gebruiker nodig heeft, is de terminologie op deze pagina, geen LCA-modelleervaardigheden.

bAwear Score

Waar bAwear Score past

bAwear Score is een platform voor LCA-gebaseerde meting van milieu-impact voor de textiel- en kledingindustrie, gebouwd door bAwear B.V. in Nederland en powered by SimaPro. Het modelleert elke stap in de toeleveringsketen, van vezel tot einde levensduur, en rapporteert het resultaat per stap. Het past ReCiPe 2016 Midpoint (Hierarchist) toe in lijn met ISO 14040/14044 en rapporteert opwarming van de aarde, gebruik van fossiele grondstoffen, watergebruik en landgebruik. Cradle-to-gate en cradle-to-grave zijn allebei beschikbaar; de functionele eenheid is standaard 1 kg textielproduct, met per producteenheid, per wasbeurt en per draagbeurt beschikbaar bij cradle-to-grave. Met meer dan 200 vooraf gedefinieerde worstcase-productscenario's in 18 of meer categorieën start een gebruiker vanuit techpackdata en overschrijft hij die met primaire data. Quick Score levert indicatieve resultaten in 5 tot 10 minuten. Expert levert gereviewde resultaten, voorbereid op onafhankelijke review door derden. De data komt uit Ecoinvent 3.12 en de eigen textieldatabase van bAwear. Toxiciteit is bewust uitgesloten.

Quick Score-resultaten zijn indicatief en bedoeld voor interne beslisondersteuning en vergelijking met referentieproducten. Ze vervangen geen volledige LCA volgens ISO 14040/14044 met kritische review.

Veelgestelde vragen

Bronnen
  1. 1ISO 14040:2006 en ISO 14044:2006
  2. 2ReCiPe 2016, RIVM, Nederland
  3. 3Europese Commissie, Environmental Footprint-methode (EF 3.1) en PEFCR Apparel and Footwear (concept)
  4. 4Ecoinvent-database, versie 3.12

Lees verder

Begin met de data die u al heeft

Eerste berekening gratis. Een indicatief resultaat per product, per stap in de toeleveringsketen, met vermelding van de methode.

bAwear Score {{ navLinks }}
Language
Log in Book a demo Start for free
{{ sec.title }}
{{ it.l }}
Language
Start for free Log in
{{ ck.title }}

{{ ck.text }} {{ ck.link }}

Book a demo
30 minutes, your products, our team
{{ leadMsg }}
{{ kp.group }}
{{ kp.type }}

{{ kp.title }}

Book a demo Start for free
{{ kp.author }} {{ kp.labels.updated }} {{ kp.minutesLabel }}
{{ kp.labels.glance }}
{{ g.v }}
{{ g.l }}
bAwear Score

{{ sec.title }}

  1. {{ li.n }}
{{ sec.v.title }}
{{ st.n }}
{{ st.t }}
{{ st.d }}
{{ ev.date }}
{{ ev.tag }}
{{ ev.t }}
{{ ev.d }}
{{ mt.v }}
{{ mt.t }}
{{ mt.d }}
{{ vc.name }} {{ vc.tag }}
{{ pt.t }}
{{ cd.n }}
{{ cd.t }}
{{ cd.d }}

{{ sec.v.caption }}

{{ kp.faqTitle }}

{{ kp.sourcesTitle }}
  1. {{ src.n }}

{{ kp.labels.related }}

{{ kp.labels.ctaTitle }}

{{ kp.labels.ctaText }}

Book a demo Start for free